Maasdam 2











Bouwwerf:                  Harland & Wolff, Belfast  (76)

Tonnage:                   3.983 brt

L x B x H:                  131,22 x 12,27 x 7,83 m

Voortstuwing:             Enkelschroef; compound stoommachine  4 cil. 2500 ipk

Snelheid:                   13 knopen.

Passagiers:                1e klasse: 150,   2e klas:se 60,     3e klasse: 800

Bemanning:               85

De Engelse rederij Oceanic Steam Navigation Company Ltd te Liverpool (White Star Line) had de opdracht gegeven voor de bouw van het schip. Evenals het zusterschip "Veendam" was ook de "Maasdam" (2) bij de werf van Harland & Wolff te Belfast gebouwd. Onder bouwnummer 76 werd op 4 juli 1871 het schip als s.s. "Republic" te water gelaten.

Ze werd eind 1871 opgeleverd aan de White Star Line en maakte op 1 februari 1872 haar eerste reis van Liverpool naar New York. Op 16 januari 1889 vond de laatste reis van New York naar Liverpool plaats en werd de "Republic" opgelegd te Birkenhead.

1889 Op 15 juni werd het schip aangekocht door de NASM en omgedoopt tot "Maasdam". Voordat het schip in de dienst op New York werd ingezet werden bij Fijenoord de ketel en de machine-installatie vernieuwd. Hierbij werd een triple expansie 4 cilinder stoommachine met een vermogen van 2500 ipk geplaatst. 

1890 De eerste reis van het schip begon op 15 maart onder kapitein Aldert Potjer.

1893 Onderweg van Rotterdam naar Boulogne sur Mer kreeg het schip een gebroken krukas en werd door de "P. Caland" naar Plymouth gesleept, waar de passagiers overgingen op het ss"Veendam". De vracht ging over naar de "Zaandam".

1897 Op 7 november was er een ontploffing in de machinekamer in het Kanaal terwijl het schip onder kapitein Aldert Potjer onderweg was naar New York. Langzaam varend kon men na 6 dagen Plymouth bereiken. Hier werden de passagiers overgenomen door het ss "Veendam". Het schip ging voor anker en werd op 19 november teruggesleept naar Rotterdam door de sleepboten "Oceaan" en "Noordzee". Bij de werf Maatschappij Fijenoord werd de schade hersteld. 
Het Volksdagblad 18-11

1899 De "Maasdam" was het laatste ijzeren schip bij de NASM en kon als viermastbark worden getuigd. Bij een verbouwing werd de passagiersaccommodatie aangepast; de eerste klasse verdween, in de tweede klasse konden 84 passagiers mee, in de derde klasse 562.

1900 Onder grote publieke belangstelling vertrok op 3 mei de Boeren Deputatie van de Zuid-Afrikaanse Republiek met het ss "Maasdam" van Rotterdam naar Amerika om voor hun zaak te pleiten.
Nieuwsblad van het Noorden 05-05


1902 De Maasdam heeft tot augustus dienst gedaan en is verkocht aan de Italiaanse rederij Fratelli Bruzzo en herdoopt tot "Vittoria". In hetzelfde jaar verkocht deze rederij haar aan La Veloce Navigazione te Genua en kreeg ze de naam "Citta" Di Napoli".

1908 Het schip werd naar Messina gedirigeerd als accommodatie-schip voor de overlevenden van een aardbeving. Daarna is ze voor de sloop verkocht. 

1910 De uiteindelijke sloop vond plaats in augustus in Genua.

(tekst: John van Kuijk, lid commissie Vloothistorie en Foto-archief)

Bronnen:
Boer, G.J. de “125 jaar Holland Amerika Lijn”; uitg. De Alk, Alkmaar 1998; ISBN 90 6013 074 X
Dalkmann, H.A. en Schoonderbeek, A. “125 years of Holland America Line”; Edinburgh Pentland Press 1998
Herk, C. van “De Schepen van de Holland Amerika Lijn”, uitg. de Boer, Bussum 1981; ISBN 90 228 1863 2
Holdermans, R. (HALLO 5 1999)

Joomla templates by a4joomla