Zuiderdijk










Bouwwerf:                        Wm.Gray & Co LTD. (805)

Tonnage:                         5207 brt

L x B x H:                        125,65x16,92x9,03m

Voortstuwing:                  Triple expansie 3 cil. stoommachine; 3.000 ipk

Snelheid:                         12 knopen

Bemanning:                     68

Gebouwd als stalen vrachtschip met twee dekken. Kon getuigd worden als een tweemast schoener met vier hulpzeilen. Te water gelaten in het begin van 1912 en overgedragen in juli 1912 als de "Sharistan" aan de Anglo Algerian Steamship Company uit Londen. Gekocht in oktober van dat jaar en omgedoopt in Zuiderdyk.
Het schip begon haar eerste reis op de Burg Lijn tussen Rotterdam en Savannah in november 1912.

1918 Op 16 maart, terwijl ze in San Juan lag, werd volgens het Angarierecht beslag gelegd op het schip door de Amerikaanse regering en op 21 maart begon ze, grijs geverfd, haar dienst als transportschip voor de oorlog. (een uitgebreid verslag)

1919 Op 21 juli werd ze teruggegeven aan de HAL en keerde terug op haar vooroorlogse route.

1921 De "Zuiderdyk" wordt overgeplaatst naar de dienst op Zuid-Amerika.

1922 Op 21 september had ze een aanvaring op de Schelde in de Galgeput met het Britse stoomschip "Ezardian"(1909 - 875brt) Dit schip zinkt binnen 3 minuten en er komen 7 bemanningsleden om het leven. Na de aanvaring vaart de "Zuiderdyk" door naar Vlissingen en neemt niet deel aan het reddingswerk. Andere schepen redden verschillende bemanningsleden, waarvan sommigen meer dan een uur in het water hebben gelegen. Bij de behandeling door de Raad voor de Scheepvaart gaat het vooral over de vraag of de juiste seinen zijn gegeven en ontvangen. Het doorvaren naar Vlissingen komt slechts even aan de orde omdat moeilijk aan te tonen is, of het wel juist was geweest om met een groot schip in de smalle vaargeul te blijven liggen terwijl er veel vaart was. De kapitein van de "Zuiderdyk" wordt schuldig bevonden omdat het schip zich ten tijde van de aanvaring aan de verkeerde zijde van het vaarwater bevond. Hoewel ook de loods verkeerde beslissingen had genomen, blijft de kapitein eindverantwoordelijk. De kapitein krijgt 3 maanden gevangenisstraf en een proeftijd van een jaar. De loods krijgt 6 maanden gevangenisstraf.

1922 Op 7 december werd het schip voor £ 50.000 verkocht aan de Law Shipping Co. Ltd. uit Londen en omgedoopt in "Misty Law".

1931 Doorverkocht aan Achille Lauro, de eigenaar van Flotta Lauro in Napels, en omgedoopt in "Edera".

1940 Op 10 juni wordt het schip geïnterneerd in Coruna, Spanje.

1943 Op 24 december wordt ze overgenomen door de Geallieerde Strijdkrachten.

1946 Het schip keert terug bij haar eigenaar.

1949 Ze wordt verkocht aan Francesco Pittaluga Fu Ciacomo uit Genua, en behield haar zelfde naam.

1956 Wederom verkocht. Deze keer aan de Cia Carib. uit Costa Rica en omgedoopt in "Frin".

1957 Ondergebracht bij de Linea Adriatico Gulfo Perse Ltd. uit Puerto Limon, Costa Rica, en omgedoopt in "Mahfuz".

1958 In januari in Triëst, Italië, tot schroot verwerkt.

Zusterschepen: "Noorderdyk", "Oosterdyk", "Westerdyk".

(tekst: John van Kuijk, lid commissie Vloothistorie en Foto-archief)

Joomla templates by a4joomla